Titel

Privé » Gezondheid…

 
Zoeken
 
 

 

     
 

Ziektekosten
Basisverzekering voor iedereen
Op 1 januari 2006 verviel het verschil tussen particulier en ziekenfonds. Een ieder, jong of oud, getrouwd of alleenstaand, in loondienst of zelfstandig, ziek of kerngezond, is dan verplicht verzekerd via de Basisverzekering. De verzekering verzekert, de naam zegt het al, ‘de basis’.
 
Wat zit er in de Basisverzekering
De basisverzekering vergoedt vrijwel dezelfde zorg als het voormalige ziekenfondspakket, namelijk:

  • Geneeskundige zorg, waaronder zorg door huisarts, ziekenhuis en medisch specialisten 
  • Ziekenhuisverblijf
  • Tandheelkundige zorg (tot 18 jaar, vanaf 18 jaar alleen specialistische tandheelkunde)
  • Hulpmiddelen
  • Standaard geneesmiddelen
  • Kraamzorg
  • Ziekenvervoer (ambulance en zittend vervoer)
  • Paramedische zorg (beperkt fysiotherapie/oefentherapie, logopedie ergotherapie)

Waar de basisverzekering geen vergoeding verleent (het is uiteindelijk een basispakket), heeft u de mogelijkheid een aanvullende verzekering af te sluiten. Verzekeraars bieden verschillende aanvullende zorgverzekeringen en aanvullende tandzorgverzekeringen aan. De dekking van de aanvullende verzekeringen verschilt sterk per verzekeraar. Het is daarom verstandig u te laten adviseren over de mogelijkheden. Wij zijn u natuurlijk graag behulpzaam bij het maken van uw keuze.
 
Medische Acceptatie
De zorgverzekeraars zijn verplicht iedereen te accepteren voor de Basisverzekering. Voor de aanvullende verzekeringen mogen verzekeraars wel medische acceptatie toepassen. Voor sommige vergoedingen uit de aanvullende tandartsverzekering kan een wachttijd van één jaar gelden, denk hierbij aan orthodontie en gebitsprothesen. Dit speelt met name wanneer u van zorgverzekeraar verandert.

Tandarts
Wat is vaak al gedekt? Binnen de nieuwe zorgverzekering zijn voor personen onder de 22 jaar tandartskosten standaard meeverzekerd. Volwassenen hebben onder de nieuwe zorgverzekering echter vrijwel geen enkele dekking. Het betekent, dat het interessant kan zijn na te gaan of een tandartsverzekering daar nuttig kan zijn.

Uw situatie?
Wilt u weten welke premies in uw situatie zouden gelden? Neem dan even contact met ons op. Wij zoeken het graag voor u uit.

Arbeidsongeschiktheid
Oude ziektewet en WAO op de helling.

Een werknemer die ziek werd, kon er tot eind jaren ’90 nog op rekenen dat zijn inkomen voor de volle 100% werd doorbetaald. Vanuit de ziektewet. Duurde de ziekte langer dan twaalf maanden, dan volgde de WAO. Met toch nog altijd 70% van het laatste salaris. Het was een uitermate comfortabele regeling die helaas onbetaalbaar werd. En eind jaren ’90 werd daar dan ook door de overheid een streep door getrokken. Het hele "vangnet" werd opnieuw "gespannen". Met als uiteindelijke uitkomst vanaf 1 januari 2006 de WIA

De eerste 24 maanden ziekte
Enige jaren geleden heeft de overheid de verantwoordelijkheid voor het doorbetalen van salaris tijdens ziekte, bij de werkgevers neergelegd. Dat is zo gebleven. Werkgevers zijn verplicht tijdens ziekte van een werknemer 70% van het loon door te betalen. En dat gedurende maximaal 24 maanden. Daarbij geldt uiteraard als absoluut minimum, het minimum loon. 

Daarna
Blijft de werknemer langer ziek dan volgt het wettelijke vangnet voor arbeidsongeschikten. En sinds 1 januari 2006 is dat geregeld in de wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA)
Binnen die wetgeving richt de overheid zich meer op wat de werknemer nog wel kan, in plaats van te kijken naar wat de werknemer niet meer kan. De regeling is dan ook nogal sterk afwijkend van wat eerder binnen de WAO was geregeld.

Kort gezegd valt de WIA uiteen in twee nieuwe regelingen:

  1. De IVA (Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten) en de
  2. De WGA (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikte)

Volledig arbeidsongeschikt (IVA)
Een werknemer is uitsluitend volledig arbeidsongeschikt, indien dit geldt voor meer dan 80% (!). Met andere woorden, de werknemer is in dat geval nog voor hooguit 20% in staat arbeid te verrichten.
Voor die werknemer wordt (na 24 maanden) een uitkering beschikbaar gesteld van 70% van het laatst verdiende loon. Die uitkering geldt tot de 65-e verjaardag, maar is overigens wel, net als voorheen, aan een bovengrens gebonden. Een prima regeling, voor volledig arbeidsongeschikten, want er is tevens geen ’afhankelijkheid van het arbeidsverleden’.
 
Gedeeltelijk of tijdelijk arbeidsongeschikt (WGA)
In dit geval is de uitkeringsduur wel afhankelijk van het arbeidsverleden. Afhankelijk van het aantal jaren dat gewerkt is, volgt eerst (uiteraard weer na 24 maanden) gedurende een beperkt aantal maanden of jaren een uitkering van 70% van het laatst verdiende loon. Daarna volgt de ’vervolguitkering’, waarvan de hoogte afhankelijk is van de mate waarin daarna nog wordt gewerkt (let op: niet de mate waarin kan worden gewerkt, maar de mate waarin wordt gewerkt!). De overheid noemt dit de ‘verdiencapaciteit’. Of de werknemer inderdaad werkt is hier dus volgens de huidige wetgeving niet relevant. Wordt minder dan 50% van die verdiencapaciteit gewerkt, dan volgt een vervolguitkering ter grootte van het percentage arbeidsongeschiktheid van het minimumloon. Een duidelijke verzwaring die tot doel heeft mensen actief aan het werk te krijgen.

Bestaande gevallen van voor 1 januari 2004
De WIA geldt voor de werknemer die ziek is geworden vanaf 1 januari 2004. Werknemers die voor 1 januari 2004 ziek zijn geworden, houden hun recht op de regeling van de WAO en komen dus niet in de WIA. Ook de werknemers die gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn geworden onder de WAO, blijven voor wat hun toename of afname van arbeidsongeschiktheid betreft onder de oude WAO vallen. Hierdoor blijft de WIA-verzekering voor deze werknemers bestaan.

Toelatingsdrempel WIA
Werknemers die minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn, vallen niet onder de WGA. De WIA gaat er van uit dat werknemers die minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn bij hun werkgever in dienst blijven.

Ongevallenverzekering
Een ongevallenverzekering geeft u of uw nabestaande(n) financiële zekerheid bij blijvende invaliditeit of overlijden door een ongeval. De Gezinsongevallenverzekering is speciaal voor gezinnen, met of zonder kinderen.

Ongevallenverzekering, de zin en de onzin
De definitie
Verzekeraars verstaan onder ongeval "een plotseling van buitenaf en ongewild op het lichaam van de verzekerde inwerkend geweld dat de dood of geneeskundig vast te stellen letsel tot gevolg heeft". Het gaat daarbij dus om:

  • overlijden
  • geneeskundig vast te stellen letsel 
  • veroorzaakt door een ongeval

Het betekent automatisch dat er geen uitkering volgt wanneer het overlijden of de invaliditeit het gevolg zou zijn van een ziekte. Een ongevallenverzekering levert dus altijd slechts een deeloplossing. Alleen dekking bij ongeval. Niet bij ziekte. En daar is niets op tegen. Mits u zich dat vooraf realiseert.

Verder wijkt ook de wijze van "schade vergoeden" af van wat gebruikelijk is. Het zou voor de hand liggen om bijvoorbeeld een WAO-beschikking te volgen. 50% arbeidsongeschiktheid zou dan 50% uitkering moeten betekenen. Maar dat is jammer genoeg niet zo.

Overlijden door een ongeval betekent uiteraard simpelweg dat het daarvoor verzekerde bedrag wordt uitgekeerd. Maar wanneer er sprake is van geneeskundig vast te stellen letsel, gaat men uit van vooraf vastgestelde percentages.

Levensverzekering
Levensverzekering en belasting
Een levensverzekering is een overeenkomst waarbij een verzekeraar zich verplicht op een zeker moment in de toekomst een uitkering te doen. Dat kan zijn op de einddatum van de verzekering. Mits de verzekerde persoon op dat moment in leven is. Het kan ook tussentijds zijn, direct bij het overlijden van de verzekerde.

Die "overlijdensdekking" is met name geschikt om mensen verzorgd achter te laten. Het eerste deel, de uitkering op de einddatum, is meer geschikt om op lange termijn vermogen op te bouwen. Bijvoorbeeld voor het aflossen van een hypotheek of voor het opbouwen van pensioen.

Vroeger
Van oudsher heeft de levensverzekering in Nederland fiscaal altijd een bijzondere plaats ingenomen. Waar het sparen via een bankrekening altijd werd "bestraft" met belastingheffing, kon de levensverzekering er op rekenen dat de uitkering belastingvrij zou blijven. Daar stond dan wel tegenover dat bij de levensverzekering een minimaal aantal jaren gespaard diende te worden. Vaak zelfs langer dan twintig jaren. Dat maakte de levensverzekering dan ook tot de methode om belastingvrij vermogen te vormen op lange termijn.

En nu?
Sinds die tijd is er wel het een en ander veranderd. Recente nieuwe wetgeving heeft tot gevolg gehad dat "bank sparen" en "verzekerd sparen" fiscaal dichter tegen elkaar aan zijn gekropen. Zo wordt het groeien van het spaartegoed in beide gevallen identiek belast. Want beide spaarvormen vallen nu onder de zogenaamde "vermogensrendementheffing". Meer informatie over de levensverzekering als instrument om vermogen te vormen (feitelijk is "kapitaalverzekering" een betere benaming) vindt u overigens onder vermogen / kapitaalverzekering.

Hoe dan ook, de kapitaalverzekering blijkt, fiscaal gezien, nog steeds een streepje voor te hebben. Want nog steeds zijn er vormen van kapitaalverzekeringen die zelfs vrijgesteld zijn van die "vermogensrendementheffing". Volledig fiscaal vrij blijven dus

Met name is dat het geval bij:

  • kapitaalverzekering voor het aflossen van de hypotheek 
  • kapitaalverzekering bedoeld voor het opbouwen van pensioen (lijfrente)

Per saldo is de kapitaalverzekering dus bij uitstek een uitstekend instrument om vermogen te vormen. Soms dus zelfs fiscaal volledig vrijgesteld. 

Gaat uw belangstelling dan ook uit naar een kapitaalverzekering om uw hypotheek mee af te lossen, kijk dan bij "hypotheek", bovenin het scherm. Over de combinaties met lijfrente vindt u meer informatie hierboven onder "pensioenen / lijfrente". Over de kapitaalverzekering om vermogen te vormen vindt u meer onder vermogen / kapitaalverzekering .

U kunt het uzelf uiteraard ook nog makkelijker maken. Wij zijn bereikbaar via de contactknop of telefonisch.
En we zetten de verschillen graag even voor u helder op een rij.


 
 
 
 
 
 
 
 

Pensioen en Inkomens Adviseurs Klachteninstituut Financiële Dienstverlening Autoriteit Financiële Markten

Aktuariz B.V. | Koraalrood 153 | 2718 SB Zoetermeer | T: 079 - 346 15 15 | F: 079 - 346 15 10 | E: info@aktuariz.nl